Wetenschapper: Cannabis geneest door kwade cellen “zelfmoord te laten plegen”

1
Luister naar dit Artikel

In het geval dat u benieuwd was hoe THC zo ongelooflijk goed is in het doden van kwaadaardige cellen, legt de vrouw die het fenomeen voor het eerst zag uit hoe het werkt.

Spaanse wetenschapper Cristina Sanchez was de eerste om de geneeskrachtige eigenschappen van marihuana te ontdekken in de strijd tegen kanker. In dit fascinerende interview door Cannabis Planet, legt ze de therapeutische eigenschappen van de plant uit.

Sanchez ontdekte bij toeval, tijdens een ander experiment dat THC “de [kanker] cellen in de petrischaaltjes doodde.” Niet alleen dat, zegt ze, maar THC richt zich “specifiek op tumorcellen. Ze hadden geen effect op normale, niet-tumorcellen. Alsof dat nog niet ongelovelijk genoeg was, voegt Sanchez eraan toe dat door de kracht van marihuana’s anti-kanker eigenschappen, de kankercellen spontaan begonnen met het plegen van “zelfmoord” wanneer THC aanwezig was.

De andere belangrijke verbinding van marihuana is Cannabidiol. Dit is niet psychoactief, maar beschermd de hersenen tegen stress en schade. Cannabidiol doodt kankercellen en maakt THC des te sterker. Zoals Sanchez het uitlegt:

“Het endocannabino├»de systeem reguleert de eetlust, de voedselinname, reproductie, en vele andere functies. Daarom heeft de plant heeft zulke brede therapeutische eigenschappen.”

https://vimeo.com/83094404

Sanchez heeft bevestigd dat marihuana kan worden gebruikt als een behandeling tegen borstkanker, en haar eerste onderzoek werd ondersteund door verdere testen. Wat is de toekomst van medicinale marihuana? Laat ons weten wat uw gedachten zijn in de commentaren.

In tegenstelling tot de reguliere media hebben wij geen inkomsten uit advertenties en ook ontvangen wij geen subsidies van de overheid. Om te bestaan zijn wij volledig afhankelijk van de donaties van onze lezers!

Een gulle donatie verzekert dat we ook in 2023 iedereen van het echte nieuws kunnen blijven voorzien!


<< Klik hier om te doneren >>

 

Misschien later